5. Lokaas feedervissen |
Ik heb de laatste tijd verschillende vragen gekregen over dit onderwerp. Het lijkt me dan ook het juiste moment om eens wat “dieper” in te gaan op dit onderwerp. Zoals altijd probeer ik de zaken steeds zo simpel mogelijk te houden, en dat geldt zeker voor wat betreft het lokaasgebruik bij het feedervissen.
Enkele jaren geleden alweer hebben Marcel van den Eynde, Jan Zekveld en ikzelf een lokaas “ontworpen” wat speciaal voor deze visserij is bedoeld. Dit lokaas wordt sindsdien verkocht onder de naam DS FEEDER en is vrijwel overal verkrijgbaar. Ik weet in ieder geval zeker dat het ook in alle Raven Fishing (& Outdoor) winkels en ook bij Vlemmix Hengelsport wordt verkocht.
Jan Zekveld en ik visten voor die tijd altijd met een samenstelling die ons op zich uitstekend beviel, maar die wel erg “licht” was. Ik bedoel dan niet qua kleur, maar qua samenstelling van de ingrediënten. Een bijkomend probleem was ook dat dit lokaas heel moeilijk te bevochtigen was. Het nam enorm veel water op en je moest echt precies weten wat te doen om het goed te krijgen. Al met al moest deze samenstelling daarom worden aangepast om hem interessant te maken “voor een groter publiek”. We hebben toen wat aanpassingen gedaan om het lokaas iets zwaarder te maken en ook om iets meer bindkracht te krijgen. Dit alles resulteerde dus in DS FEEDER.
Ik moet zeggen dat ik altijd en overal vis met dit lokaas bij het feedervissen. Dat geldt dus voor alle wateren variërend van de meest woeste rivier tot een ondiep, stilstaand water. De enige aanpassing die ik soms doe is het toevoegen van een percentage bruin broodmeel. Dit gebeurt alleen bij het vissen op ondiepe en stilstaande wateren en is alleen bedoeld om het lokaas iets minder klevend te maken waardoor het vrijwel meteen uit de voerkorf komt na aanraking met het water.
Het is belangrijk om dit lokaas op de goede manier te bevochtigen. Ikzelf doe dit altijd aan de waterkant terwijl ik mijn vismateriaal klaarmaak. Meestal heb je wel zo ongeveer een uur tussen de aankomst op de visplaats en het aanvangstijdstip wanneer je een wedstrijd vist. Ik begin dan meteen met het lokaas wanneer ik op de stek ben aangekomen. Ik bevochtig het zodanig dat het precies vochtig genoeg aanvoelt voor gebruik (Ik weet echter dat vijf minuten later het lokaas erg zal zijn “ingedroogd” omdat de voeringrediënten het vocht opnemen). Hierna begin ik met het klaarmaken van het andere vismateriaal en laat ik het lokaas gewoon vijf tot tien minuten met rust. De tweede keer dat ik het lokaas bevochtig doe ik dat weer op dezelfde manier, dus juist zoals het lokaas dient te zijn wanneer dit klaar is voor gebruik. Hetzelfde procédé herhaalt zich nu. Terwijl ik verder mijn spullen klaarmaak zal na vijf tot tien minuten blijken dat het lokaas weer zal zijn ingedroogd, hoewel een stuk minder in vergelijking tot de eerste keer. Nadat ik voor de derde maal water heb toegevoegd is het lokaas klaar voor gebruik. Ik druk het lokaas wel altijd nog door een zeef om het vocht zo gelijkmatig te verdelen.
Ik begrijp natuurlijk dat ik 'gemakkelijk praten' heb omdat ik al jaren met dit lokaas vis en het dus al ontelbare malen heb aangemaakt. Ik kan u echter verzekeren dat het absoluut niet moeilijk is om dit lokaas goed aan te maken.
Ik maak wel een beetje onderscheid tussen de eerder genoemde ondiepe stilstaande wateren en de diepere en stromende wateren waar ik dit lokaas gebruik voor wat betreft de vochtigheid ervan.
Op stilstaande en ondiepe wateren moet het lokaas als het ware uit de voerkorf 'exploderen' wanneer de korf het water raakt. Voor deze omstandigheden houd ik het lokaas vrij droog en voeg ik soms zoals gezegd wat bruin broodmeel toe.
Op diepere en stromende wateren is het natuurlijk van het grootste belang dat het lokaas op de juiste visplaats terecht komt. Voor deze omstandigheden voeg ik soms nog een vierde keer wat extra water toe om er absoluut zeker van te zijn dat alle ingrediënten volledig zijn verzadigd. Ik gebruik het lokaas nu ook sowieso wat vochtiger. Om er zeker van te zijn dat het lokaas de juiste visplaats bereikt, knijp ik het lokaas bij de eerste worp bewust iets te vast in de voerkorf waardoor een gedeelte ervan misschien nog in de korf zit nadat hij weer is binnengedraaid. Natuurlijk is dat nog niet ideaal, maar ik ben er in ieder geval van verzekerd dat het lokaas op de goede plaats de bodem bereikt. Daarna is het bij de volgende inworp gewoon zaak om het lokaas iets minder vast aan te drukken.

Jan van Schendel