6. Markering dobberpositie |
Het is zo simpel en gemakkelijk om even te doen voor aanvang van de vissessie, het is ook zo doeltreffend, en toch zie je dat de meeste vissers gewoon niet de moeite nemen om de dobberpositie na het uitpeilen van de juiste diepte even te markeren op de hengel. Misschien dat de meeste collega-vissers hierover gewoon niet hebben nagedacht. Vandaar deze tip.
Vooral wanneer je wedstrijden vist moet je zo effectief mogelijk de gelimiteerde tijd benutten die je tot je beschikking hebt.
Het zal in de praktijk niet vaak voorkomen dat je gedurende de hele wedstrijdduur je dobber nooit hebt hoeven te verschuiven en dat je al gelijk bij aanvang de ideale diepte hebt gevonden. Soms moet je meer op de bodem vissen om het aas zo stil mogelijk aan te bieden, soms moet je juist een eind boven de bodem vissen om de meeste aanbeten te krijgen. Daarbij komt nog dat de beste vismanier soms kan veranderen tijdens de wedstrijd.
Om op een gemakkelijke manier altijd weer te kunnen terugkeren naar de 'basissituatie' is het volgens mij best belangrijk om de dobberpositie, nadat je de juiste diepte hebt uitgepeild, op de hengel te markeren. Je kan dit op verschillende manieren doen, maar de volgens mij beste manier is om een kleine hoeveelheid tipp-ex op de hengel te zetten. Gewoon even de vislijn langs de hengel leggen zonder spanning op de lijn en de hengel 'markeren' waar het puntje van de bovenantenne van de dobber de hengel raakt. Tipp-ex is hiervoor uitstekend geschikt omdat het tijdens het vissen nooit van de hengel zal gaan, ook niet wanneer het vochtig wordt.
Als je het na het vissen wilt verwijderen gaat dit ook erg gemakkelijk door het met een vingernagel weg te krassen.
Om het gemakkelijk te houden peil ik altijd eerst zodanig uit dat de dobberantenne gelijk staat met het wateroppervlak wanneer het peillood de bodem raakt. Hierna markeer ik de dobberpositie op de hengel. Hoe vaak ik ook de dobber heb verschoven, ik zie altijd zo ongeveer hoe ver ik op de bodem of van de bodem aan het vissen ben en ik kan altijd weer terugkeren naar deze basisdiepte. Gemakkelijker kan niet, toch?

Jan van Schendel